Sociale Veerkracht in Brabant

Door Auke Blaauwbroek, voorzitter 't Heft

In maart 2015 is er een nieuw college van Gedeputeerde Staten aangetreden voor de bestuursperiode 2015-2019. Een van de hoofdpunten van het akkoord wat de politieke partijen VVD, SP, D66 en PvdA gesloten hebben is de ontwikkeling van Sociale Veerkracht. In het licht van deze bestuurlijke opgave heeft Henri Swinkels, de verantwoordelijk bestuurder,  een gesprek gevoerd met de nieuwe en vertrekkende voorzitter van ’t Heft. Kort gezegd komt de inhoud van het gesprek erop neer dat ’t Heft als aparte organisatie geen subsidie meer ontvangt van de provincie vanaf 1 januari 2017.

In het komende half jaar krijgt ’t Heft de mogelijkheid om het nieuwe programma Sociale Veerkracht mee te ontwikkelen. Zowel Kees Jongmans, als vertrekkend voorzitter, en ikzelf als komend voorzitter vinden deze ontwikkeling een prachtige kans om de plek en positie van buurt- en gemeenschapshuizen te versterken in de lokale samenleving.

Waarom vinden wij dat? Ik zal jullie alle beleidstaal van de provincie besparen, maar het komt er op neer dat Brabanders meer gebruik moeten leren maken van zogenoemde hulpbronnen. In eerste instantie kijkt de provincie naar de persoonlijke hulpbronnen, zoals werk, wonen en inkomen. In tweede instantie wordt de blik gericht op sociale hulpbronnen, zoals een sociaal netwerk en mantelzorg. De derde vorm van hulpbronnen zoekt de provincie in toegang tot openbaar vervoer of de digitale snelweg. Ik denk dat juist wijk- en buurtcentra de ideale ontmoetingsplek zijn voor mensen die op zoek zijn naar deze hulpbronnen en we jullie centra een belangrijke plek kunnen geven in het programma Sociale Veerkracht. Als we in deze opdracht slagen, dan wordt ’t Heft niet als organisatie voorzien van middelen, maar wel onze programmaonderdelen en projecten.

Voor 't Heft betekent dat in grote lijnen dat we met de bijdragen van de aangesloten huizen en de fee uit mantelovereenkomsten zaken als Nieuwsheft, website, ledenadministratie en bestuurszaken zullen kunnen blijven financieren. De projecten die we willen uitvoeren financieren we dan met subsidies van de provincie.

Wij gaan graag de gesprekken met de provincie aan, maar willen ook dat jullie meedenken, meepraten en mee ontwikkelen. Tot nog toe zijn wij als ’t Heft ook zoekende samen met de provincie. Belangrijk is in ieder geval dat we een plek aan de ontwikkeltafel hebben en die plek willen we goed invullen. Bestuursleden van ’t Heft zullen daarom de komende maanden naar verschillende wijk- en buurtcentra afreizen om jullie ideeën op te halen. Natuurlijk zorgen we ervoor dat jullie op de hoogte blijven van de verschillende ontwikkelingen en resultaten.